Mosselsouper onderworpen aan btw? De vrijstelling voor financiële steun verduidelijkt

Wanneer u als vrijgestelde vereniging in het kader van fondsenwerving een activiteit organiseerde, zoals bv. een mosselsouper, om de kas te spijzen, was het vroeger vaak niet duidelijk of deze activiteit ook zonder btw kon. Na een wetswijziging in 2016, is er nu ook een circulaire verschenen om duidelijkheid te scheppen.

Inleiding
Het W. btw voorziet in een vrijstelling voor de levering van goederen en diensten die welbepaalde vrijgestelde sociale en culturele instellingen ter verkrijging van financiële steun verrichten in samenhang met hun werkzaamheden. Deze vrijstelling werd ingevoerd om te verhinderen dat btw in dit verband een prijsverhogend obstakel zou zijn en zo het vergaren van financiële middelen door voormelde instellingen zou belemmeren.

De goede intenties van deze vrijstelling ten spijt werd de werking ervan in de praktijk vaak overschaduwd door de onduidelijke toepassingsvoorwaarden, zoals het niet-concurrentieverstorend karakter. Een correcte toepassing was om die reden niet altijd eenvoudig. Door middel van een wetswijziging en een daaropvolgende verduidelijkende circulaire werd getracht deze onduidelijkheden aan te pakken.

Wetswijziging van 27 juni 2016

Het eerste initiatief tot verduidelijking is te vinden in de wet van 27 juni 2016 dat de bestaande vrijstelling van artikel 44, §2, 12° W. btw wijzigde. Hoewel de bedoeling van deze wetswijziging lag in het verhelderen van de vrijstelling, werd de concrete toepassing, voornamelijk van het begrip concurrentieverstoring, echter niet verduidelijkt.

Gevolgd door een verduidelijkende circulaire
Om hieraan tegemoet te komen werd een klein jaar na de wetswijziging een administratieve circulaire gepubliceerd waarin drie cumulatieve voorwaarden werden opgenomen die vervuld moeten zijn om in aanmerking te komen voor de vrijstelling (circulaire 2017/C/23 dd. 19 april 2017).

Voorwaarde 1: Instelling moet optreden als organisator van het evenement
De vrijstelling kan worden ingeroepen door de in art. 44, §2, 12° W. btw opgenomen instellingen wanneer deze instellingen zelf optreden als werkelijke organisator van het evenement. Dit impliceert volgens de circulaire dat zij de volledige verantwoordelijkheid hebben over de organisatie van het evenement, zoals de programmering, opbouw en werking van het evenement, innen van de ontvangsten, publiciteitsvoering,… . De vraag of, dan wel de mate waarin uitbesteding van bepaalde deelactiviteiten aan derden mogelijk is, wordt niet expliciet beantwoord in de circulaire.

Een mogelijk antwoord kan gevonden worden in administratieve beslissing nr. E.T. 21326 van 04.01.1977, waarin het begrip organisator in het kader van de vrijstelling voor het geven van voordrachten (artikel 44, §2, 8° W. btw ) wordt toegelicht. In deze context dient de organisator het te behandelen thema aan te duiden, de prijs vast te stellen, de sprekers te zoeken en daarnaast als verantwoordelijk organisator voor te komen in de ogen van het publiek (vb. vermeld op programmering en affiches). Voor bepaalde technische of materiële diensten kan echter beroep gedaan worden op onderaannemers.

In de lijn met voorgaande, lijkt de bedoeling van de wetgever erin te bestaan dat de instelling zelf het heft in handen moet nemen en de belangrijkste beslissingen betreffende de organisatie van het evenement dient te nemen (o.a. soort event, toegangsprijs, randanimatie, ...).  Indien voor een substantieel deel van de organisatie met onderaannemers wordt gewerkt, zou de fiscus de toepassing van de btw-vrijstelling kunnen betwisten.

Zo zal bijvoorbeeld een vrijgestelde jeugdbeweging die haar jaarlijkse mosselsouper organiseert om geld in kas te krijgen zelf een locatie moeten zoeken, drank aan moeten kopen, publiciteit dienen te maken, … .Wanneer zij bepaalde onderdelen uitbesteedt (vb. opbouw tent, DJ), maar zelf nog instaat voor het maken van publiciteit, tappen op de fuif, programma samenstellen,…, lijkt ons dit geen beletsel te vormen voor het optreden als ‘organisator’. Daarentegen, bij uitbesteding van het event in zijn geheel aan een eventbureau treedt de jeugdbeweging o.i. niet meer op als organisator. De praktijk zal echter moeten uitwijzen hoe streng de fiscus dit zal beoordelen.

Voorwaarde 2: Werkzaamheden mogen slechts occasioneel van aard zijn
De activiteiten die worden georganiseerd voor de fondsenwerving mogen geen economische activiteit van de btw-plichtige uitmaken. Meer in het bijzonder bepaalt de circulaire dat de activiteiten:

  • Slechts occasioneel van aard mogen zijn;
  • Erop gericht moeten zijn om financiële steun te verkrijgen voor de gebruikelijke vrijgestelde activiteiten van de instelling;
  • Exclusief ten bate van de instelling zelf worden georganiseerd of moeten worden aangewend voor een goed doel. Als goed doel wordt elke instelling, vereniging, fonds of natuurlijk persoon beoogd die, ongeacht of zij over een erkenning beschikt, zich, zonder commercieel oogmerk, inzet voor een project of werk op het vlak van gezondheid, welzijn, cultuur, natuur, milieu of internationale hulp.

Indien een museum bijvoorbeeld een winkel uitbaat, dan geniet zij enkel van de vrijstelling voor de organisatie van evenementen waarvan de opbrengst exclusief wordt aangewend voor de werking van het museum zelf of een goed doel (en niet voor de werking van de winkelactiviteit). Een goede documentatie van de besteding van de ontvangsten is daarom belangrijk.

Een punt dat onduidelijk blijft, is of de georganiseerde evenementen handelingen mogen zijn die bestaan uit het doel zelf van de instelling (vb. vrijgestelde sportclub die een sportevenement organiseert). Uit de bewoording van de circulaire, die stelt dat de werkzaamheden geen economische activiteit van de belastingplichtige mogen vormen, zou men kunnen afleiden dat de georganiseerde evenementen niet van dezelfde aard als de hoofdactiviteit mogen zijn. Anderzijds zou men deze bewoording ook kunnen interpreteren in die zin dat ze geen regelmaat mogen vertonen. Wij menen dat laatste interpretatie geldt. 

Voorwaarde 3: Geen concurrentieverstoring
Tot slot geldt dat de georganiseerde activiteit geen concurrentieverstoring mag veroorzaken met andere economische operatoren die gelijkaardige handelingen verrichten. De omschrijving van het begrip concurrentieverstoring in de circulaire blijft vaag:  de activiteiten mogen slechts uitzonderlijke opbrengsten genereren, zij mogen geen reële afzonderlijke economische activiteit vormen en zij mogen er maar op gericht zijn om de realisatie van het doel van de instelling te vergemakkelijken. De behaalde omzet is daarbij van geen enkel belang. Op die manier biedt de circulaire meer duidelijkheid: ook hoge opbrengsten, voor zover ze uitzonderlijk blijven, mogen geen probleem vormen voor de toepassing van de vrijstelling.

Administratieve toegeving: geen concurrentieverstoring
Bij wijze van tolerantie wordt er geacht geen concurrentieverstoring te bestaan als het evenement hoogstens 4 keer per kalenderjaar wordt georganiseerd. Daarbij mag het evenement maximaal 3 opeenvolgende dagen duren (vb. een feestweekend). Wanneer de drempel van 4 evenementen wordt overschreden, neemt men contact op met het bevoegde btw - controlekantoor. Deze laatste zal dan in feite oordelen of er sprake is van concurrentieverstoring. Met toevallige overschrijdingen wordt geen rekening gehouden. Wat precies als ‘toevallig’ wordt beschouwd, wordt niet toegelicht.

Indien wordt vastgesteld dat er sprake is van concurrentieverstoring, wordt de btw van toepassing vanaf het eerste kwartaal dat volgt op de overschrijding. Het evenement waarmee de drempel overschreden wordt, blijft vrijgesteld. De btw-plicht voor deze activiteiten zal minstens één volledig kalenderjaar aanhouden. Daarna kan men door middel van een gemotiveerd verzoekschrift opnieuw de toepassing van de vrijstelling vragen. Voor de toepassing van de administratieve vrijstelling in de tijd wordt rekening gehouden met het aantal evenementen sinds 1 januari 2017.

Conclusie
Hoewel de circulaire duidelijkheid creëert op een aantal belangrijke punten, blijven sommige vragen echter nog steeds onbeantwoord. De belangrijkste verdienste van de circulaire bestaat erin dat zij aangeeft dat er geen sprake is van concurrentieverstoring is wanneer jaarlijks ten hoogste 4 evenementen worden georganiseerd. Het blijft jammer dat er omgekeerd geen duidelijkere positieve omschrijving van het begrip ‘concurrentieverstoring’ werd opgenomen. De praktijk zal dus nog één en ander moeten uitwijzen.

De huidige stand van zaken op een rij
Interesten op buitenlandse spaarboekjes: België opnieuw op de vingers getikt over de vrijstelling
De huidige stand van zaken rond de belastingvrijstelling voor interesten op spaarboekjes nog even op een rijtje.
Wat zijn de gevolgen en opportuniteiten?
Onroerend goed aankopen in Nederland: fiscaal interessant?
De laatste jaren zit de aankoop van onroerend goed bij onze noorderburen in de lift. In het bijzonder denken we daarbij aan de badplaats Cadzand waar men tussen 2008 en 2020 verwacht dat er 1.500 nieuwe appartementen en woningen zullen bijgebouwd worden. Een uitgelezen kans lijkt ons om eens te bekijken wat de (fiscale) gevolgen zijn van de aankoop van vastgoed in Nederland en welke opportuniteite
Een geheugensteuntje met de belangrijkste btw-aandachtspunten
"For free" is niet altijd VAT free
“Een gratis staaltje, een gadget met de bedrijfsnaam, de trouwe klanten en leveranciers belonen met een geschenkje,…” Elke onderneming kent het wel, maar weet ook elke onderneming welke btw-gevolgen deze gulle gebaren met zich meebrengen? Als geheugensteuntje heeft de fiscus recent een circulaire gepubliceerd waarin zij de belangrijkste btw-aandachtspunten in dit verband samenvat.  D
Een goed strijdmiddel tegen fraude
Het bewarend administratief beslag inzake btw in een nieuw jasje
In dit artikel vindt u een overzicht van de bestaande en de nieuwe regels.   
De gewestelijke voordelen zijn volledig uit elkaar gegroeid
De woonfiscaliteit anno aanslagjaar 2017
Versnippering en complicatie van de fiscale voordelen voor de eigen woning? Vanaf 2014 werd de ‘eigen woning’ een gewestelijke bevoegdheid.
Sociale dumping in de transportsector
Internationaal wegtransport: loopt alles nog op wieltjes?
Het wordt stilaan dagelijkse kost als u de kranten ’s morgens openslaat: de strijd tegen sociale dumping in de transportsector woedt heviger dan ooit. Hebben de doorgevoerde controles voornamelijk een afschrikeffect tot doel? Of leiden ze toch tot een aanzienlijke aanzuivering van de Belgische staatsschuld? Staatssecretaris voor Fraudebestrijding Philippe de Backer deelde onlangs in een per
NEWS FLASH: 75 nieuwe codes
Aangifteformulier personenbelasting AJ 2017 gepubliceerd: eerste bedenkingen
Binnenkort is het weer zover… De deadline voor het indienen van de aangifte personenbelasting nadert!
De strijd tegen fiscale fraude
FATCA: beter voorkomen dan terugvorderen
Sinds 1 juli 2014 is de Amerikaanse FATCA of Foreign Account Tax Compliance Act van toepassing. Deze wetgeving kadert in de strijd tegen fiscale fraude en is erop gericht om wereldwijd belastingontwijking door Amerikaanse burgers aan te pakken door middel van een nieuw stelsel van wereldwijde automatische gegevensuitwisseling. Welke verplichtingen heeft de FATCA – wetgeving juist ingevoerd?
Begrensd tot federale & Vlaamse regelgeving
Doelgroepverminderingen RSZ: bent u nog mee?
Ingevolge de 6e staatshervorming werden de gewesten bevoegd voor de persoonsgebonden doelgroepverminderingen van de werkgeversbijdragen voor de sociale zekerheid. Vlaanderen heeft ervoor gekozen om het systeem van de doelgroepen te vereenvoudigen, waardoor een aantal bestaande maatregelen zijn verdwenen en er nieuwe doelgroepverminderingen werden uitgewerkt voor jongeren en ouderen. De federale do
Gratis wijzigen tot eind april
Verplichte wijziging in NACEBEL- code voor zonnecentra
Wie nu een zonnecentrum uitbaat, staat in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO) ingeschreven met een NACEBEL-code (9604001) die meer omvat dan enkel de uitbating van een zonnecentrum. Licht cliënten in en verwittig 'Business Legal' (Corporate Housekeeping) tijdig! Op dit ogenblik vallen ook volgende activiteiten onder deze code namelijk diensten in verband met het lichamelijk welzijn z

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief